Translate

dinsdag 14 juli 2015

Charme van de gastheer overwint alles



Neen, een succes kon je het niet noemen. Onze eerste ervaring met airbnb. Aan de buitenkant oogde het huis spectaculair. Een statig Pipi Langkous-huis in een deftige Haagse wijk. Dat hadden we toch maar goed geregeld, dat moesten we vaker doen, dat airbnb. Stom eigenlijk dat we daar niet eerder gebruik van hadden gemaakt.

Spoedig bleek het huis ook van binnen een echt Pipi Langkous-huis te zijn. Heerlijke chaos, want Pipi -zo herinner ik mij van mijn vroege jeugd- hield meer van paardrijden en krachtpatserij dan van opruimen. Veel oude troep, een televisie die het niet deed, WiFi die om de minuut wegviel, een enkele lamp die brandde. De hele zondag lawaai van werkers. Het ergste was -daar zou zelfs Pipi zich diep voor geschaamd hebben- een ligbad dat niet doorliep.


 

Normaal gesproken zijn dat omstandigheden om binnen enkele minuten op hoge poten protest aan te tekenen. Maar deze verhuurder, een twintiger, je kon gewoon niet boos op hem worden. Goede kop, goede lach, gewoon goede vent.

Daar kwam hij weer, met een paar nieuwe lampen onder de arm. En een schoonmaakdoekje. Zich ondertussen breeduit verontschuldigend. "Sorry hoor, gisteren met vrienden iets te lang de bloemetjes buiten gezet." Misschien herkende ik onze zoon in hem, misschien dacht ik aan mijn eigen wilde jaren.

Toen hij met een flesje wijn aan kwam zetten om het goed te maken en hij eraan toevoegde dat zijn vader onlangs was overleden, wisten we dat we in dit huis alles zouden accepteren. Ik stond versteld van mijn eigen mildheid in deze overigens zakelijke transactie.

De charme van de gastheer overwint elk schrijnend gebrek aan kwaliteit en dienstverlening.


Paul Strijp, 14 juli 2015


vrijdag 10 juli 2015

Laat Dudok alle sportaccommodaties herontwerpen



Mijn gedachten dwaalden af. Ruim twintig jaar geleden -ik werkte toen bij het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport- was ik bezig met het onderwerp de architectuur van sportaccommodaties. Rondom dat onderwerp bestonden twee stromingen. Eentje die dat maar flauwekul vond. In een sporthal moet je kunnen sporten en om de kosten laag te houden, mag een hal er best als een omgekeerde schoenendoos uitzien. De andere stroming probeerde de architectonische kwaliteit van sportaccommodaties op een enigszins acceptabel peil te brengen.




En nu, op een doodgewone zondag, ervoer ik wederom waarom ik mij toen het meest bij die tweede stroming op mijn gemak voelde. De tribune van Sportpark Hilversum. In 1920 gebouwd naar een ontwerp van de architect W.M. Dudok. De oudste houten tribune in Nederland. In de stijl van de Amsterdamse school, 85 meter lang. Deze accommodatie is een feest. Elk onbewaakt ogenblik genoot ik er ten volle van. Dudok had werkelijk aan elk detail aandacht geschonken, tot en met het materiaalhok.


 
 
 
 

 
 
 
 
Een afschrikwekkend voorbeeld van een sportaccommodatie zonder enig gevoel voor architectonische kwaliteit, is het voetbalstadion van Fortuna Sittard. Een betonnen kolos, een vergissing en een belediging voor een club met een dergelijke rijke historie. Vanuit de trein te zien, de rillingen lopen over je rug. Over honderd jaar is dit stadion al lang tegen de vlakte, inclusief het materiaalhok.

Mijnheer Dudok, dank voor dit prachtige geschenk in Hilversum! U heeft hiermee schoonheid toegevoegd aan ons aardse bestaan. Ware het mogelijk dat u de opdracht kreeg om alle sportaccommodaties in Nederland te herontwerpen.


Paul Strijp, 10 juli 2015

donderdag 9 juli 2015

Salarisverhoging voor 70-plussers



Een pijnlijk en roemloos einde van een glansrijke carrière. Dat valt mensen ten deel die zichzelf overschatten, die ervan overtuigd zijn het eeuwige leven te leiden en die te lang op topniveau doorgaan. De afgelopen maanden waren we getuige van twee tragische en bloedstollende voorbeelden. Guus Hiddink en Ivo Opstelten. Beiden (bijna) zeventig. De eerste bakte er als bondscoach helemaal niets van en kwam tijdens persconferenties nauwelijks nog uit zijn woorden. De tweede was als minister volledig de weg kwijt en was niet meer in staat om een fatsoenlijk debat met de Tweede Kamer te voeren. Beiden waren toppers, maar misten één eigenschap: op tijd een stapje terug doen!

De ouderdom tast sluimerend maar venijnig onze carrières aan. We presteren minder, lichamelijk en geestelijk. Peter de Waard merkt vandaag in de Volkskrant op dat tegenwoordig dan ook al één op de vier werkgevers aan 60-plussers vraagt om loon of vrije dagen in te leveren. Demotie noemen we dat. Volgens De Waard is daar niets op tegen. Er is immers geen rechtvaardiging voor het extra loon of de extra vrije dagen die 60-plussers in de loop der jaren hebben opgebouwd. Ik ben dat niet met hem eens.

Er zijn immers ook voorbeelden van mensen die zelfs als 70-er of 70-plusser nog topprestaties leveren. De Waard noemt Ronald Reagan die 70 was toen hij president van Amerika werd. En Konrad Adenauer die op 73-jarige leeftijd begon aan het bondskanselierschap van Duitsland. En dat buitengewoon succesvol deed! Zelf kan ik aan dit rijtje Frits Bolkestein toevoegen die als 70-plusser eurocommissaris was.

Minderheden wellicht, die 70-plussers die nog topprestaties leveren. Maar de voorbeelden maken wel duidelijk dat het precieze moment waarop de ouderdom genadeloos toeslaat, bij iedereen verschilt. Elke werknemer moet dat voor zichzelf scherp in de gaten houden en zijn of haar werkgever daarin meenemen. Demotie is een algemene maatregel die met die verschillen geen rekening houdt.


Konrad Adenauner had tijdens zijn functioneringsgesprek zonder blikken of blozen om salarisverhoging kunnen vragen.

Paul Strijp, 9 juli 2015



zaterdag 27 juni 2015

Een aandeel in het Ethiopisch succes



Onze beide dochters doen aan atletiek. En het moet gezegd, dat doen zij niet onverdienstelijk. Het toeval wil dat zij inmiddels specialismen hebben ontwikkeld ( de 400 meter en de 100 meter horden) die in betrekkelijk korte tijd beoefend worden. Talloos zijn de wedstrijden aan de andere kant van het land die wij voor minder dan een minuut, resp. veertien seconden bezochten. Maar niet geklaagd, je houdt van je schatjes en de wedstrijden zelf zijn vaak interessant en soms zelfs ronduit spectaculair.


Afbeeldingsresultaat voor hazen



Vandaag moest onze dochter voor een 400 meter naar Eindhoven. Niet om zelf te lopen, maar om te hazen. Zij zou twee Ethiopische atleten die jacht maken op een limiet voor het Jeugd WK, een handje helpen. Ook het hazen neemt niet meer dan een minuut in beslag. De reis naar Eindhoven vice versa daarentegen duurt drie uur. Om nog maar te zwijgen over de voorbereidingstijd voor de warming up. En wederom klaag ik niet, je houdt van je schatjes.

Maar één ding moet duidelijk zijn. Mochten de Ethiopische dames op het WK een medaille in de wacht slepen, dan wil ik dat de wereld bij deze weet dat mijn aandeel daarin substantieel is geweest.


Paul Strijp, 27 juni 2015


zaterdag 20 juni 2015

Ont-lezing of ont-hebberigheid?



Zijn hart en zijn hoofd voerden een bittere strijd. Zijn hart verhinderde hem afstand te doen van al die boeken. Dat kon hij gewoon niet. Maar zijn hoofd vertelde hem dat het zakelijk gezien een buitengewoon onverstandige beslissing was. Vele dure vierkante meters in hartje Amsterdam met boeken die nauwelijks nog verkochten. Dit kon zo niet veel langer duren, dat wist hij zelf ook wel.

Boekhandel- antiquariaat Egidius in de Haarlemmerstraat. Echt zo'n boekenzaak waar iemand van mijn generatie zijn vingers bij aflikt. Waar je moeiteloos een hele middag rondstruint. Maar de verkoper stond er wat beteuterd bij. "De malaise is zo'n jaar of tien geleden begonnen. De mensen lezen niet meer. Sartre, Thomas Mann, Graham Greene. Ze worden niet eens meer uitgegeven". En, zo voegde hij er aan toe, het enkele boek dat nog verkocht wordt gaat over de toonbank via bol.com. Daar kun je als boekhandelaar je boeken ook aanbieden, maar dan houd je er helemaal niets meer aan over.



Afbeeldingsresultaat voor boekenkast


Maar toen zei de beste man iets interessants. "Wij wilden vroeger die klassieken ten minste nog hebben. Bezitten, in de kast hebben staan. Maar ook dat wil de nieuwe generatie niet meer, ze zijn ook minder bezitterig geworden". Deze opmerking werpt een interessant licht op het hedendaagse en cultuurpessimistische verschijnsel van de ontlezing.

Want, wees eens eerlijk. Hoeveel procent van al die klassieken in uw boekenkast heeft u nu echt gelezen?


Paul Strijp, 20 juni 2015

dinsdag 16 juni 2015

Tante Thea, tante die we zelden zagen maar er altijd was


Eigenlijk zagen we haar maar zelden. Alleen bij grote familiefeesten zoals een communie, een huwelijk of een bijzondere verjaardag. En met carnaval natuurlijk, dan kwamen we haar ook wel eens tegen. En toch, hoe weinig we haar ook zagen, zij was er altijd. Hoe ze dat deed, weet ik eigenlijk nog steeds niet. Waarschijnlijk was het haar eeuwige lach. Daarachter school welgemeende belangstelling. Dat voelde je. 

Ze wilde weten hoe het met je ging. En met de andere leden van je gezin. Zelfs gedurende de vele jaren dat ze ziek was, verloor ze die lach en belangstelling niet. Zoals die laatste keer tijdens een ziekenhuisbezoek een aantal weken geleden. Ze had een van pijn verbeten gezicht, ze wist dat het einde nabij was, maar ze was er voor je. Een levenskunstenares.



 


Afgelopen vrijdag namen wij afscheid van tante Thea. Ik realiseerde me hoe bijzonder het is dat iemand die je zo weinig hebt gezien, toch zo veel warmte heeft kunnen geven.


Paul Strijp, 16 juni 2015

maandag 8 juni 2015

Hector Guimard hield niet van een muurtje



In een boek dat ik een uur eerder gekocht had, bekeek ik nog wat foto's van zijn werk. Vooral van de metro-ingangen in Parijs. Die zijn van hem. In Parijs is hij ook geboren, in 1867. Als een zeer prominent vertegenwoordiger van de art nouveau heeft hij ook veel tijd in Engeland en België doorgebracht. Overleden in New York in 1942. "Des flammes, des vagues avec des remous, tout ce que vous voudrez d'insaississable", liet hij ons nog weten. Een zin waarvan de pointe mij ontgaat, maar die ik u niet wilde onthouden. Hector Guimard is de naam.


En toen liepen we de Rue de Fleurus in. Op nummer 14 stond mijn hart even stil. Alsof we oog in oog stonden met de grote meester. Een door hem in 1898 ontworpen huis. Op verzoek van de pottenbakker Coilliot. Het mooiste voorbeeld van de art nouveau in de gehele metropool rondom Lille. Het meest opvallend is het ontbreken van een muur. In plaats daarvan zie je enorme openingen waarin je vergeefs zoekt naar rechte lijnen en naar symmetrie. Hector Guimard haalde het begrip muur overhoop.
 
 

 

Overigens laten de bewoners weten geen prijs te stellen op reclame en drukwerk.
 



Paul Strijp, 8 juni 2015