Translate

vrijdag 7 juni 2024

Groeten uit Denemarken (5): Hoe een topmuseum haar belofte waarmaakt


Het samenspel tussen architectuur, natuur en kunst. Daar zou het in dit museum om moeten gaan. In het Louisiana Museum of Modern Art, ongeveer 35 kilometer ten noorden van Kopenhagen gelegen. Altijd moeilijk om je daar een voorstelling van te maken, van zo'n belofte van een samenspel.

Maar wandelend door de beeldentuin, kijkend naar de kunstwerken van Miró, Moore en anderen, de gure wind trotserend, genietend van de bewegingen van de mobielen van Calder die spelen met die wind, je verbeeldend hoe het moet zijn om hier in luie stoelen op het gazon te liggen als de zon schijnt en diezelfde mobielen roerloos zijn, een expositieruimte die een springplank tentoonstelt die boven de zee uittorent.

Tja, dan krijg je toch wel enig gevoel voor dat samenspel.











Paul Strijp, 7 juni 2024

Groeten uit Denemarken (4): Ook standbeelden van industriëlen en bankiers in het centrum van Amsterdam?

 



Pontificaal, in het centrum van Kopenhagen. Zo staat zijn standbeeld er. Met die hoed gaan je gedachten naar Churchill. Maar waarom zou die in Denemarken geëerd worden? Een iets preciezere observatie leert dat hij daar in de verste verte ook niet op lijkt. Maar wie dan? Ene Tietgen. Tietgen? Never heard of him.

Carl Frederik Tietgen (1829 - 1901). Deens financier en industrieel. Speelde een belangrijke rol in de industrialisatie van zijn land. Door de oprichting van bedrijven die vandaag de dag nog steeds floreren. Zoals de bierbrouwerij Tuborg. Ook heeft Tietgen veel voor het Deense bankwezen betekend.

En toen vroeg ik me af: goh, doen wij dat in Nederland nu ook? Dat wij bankiers en industriëlen een standbeeld gunnen in onze hoofdstad? Gerard Philips, de man die in 1891 het wereldberoemde en naar hem genoemde gloeilampenconcern oprichtte, heeft inmiddels een standbeeld in de wijk Strijp-T in Eindhoven. Freddy Heineken moet het doen met een wassen beeld in Madame Tussauds. En de oprichters van ABN Amro, Rob Hazelhoff en Roeland Nelissen, moeten het voor zover bekend, zonder doen.

Een beeld in de publieke ruimte in het centrum van de hoofdstad van het land? Dat is in de loop van de jaren best de nodige beroemdheden gegeven. Een selectie. Rembrandt, Thorbecke, Hooft, Vondel, Berlage, Bredero, koningin Wilhelmina, Theo Thijssen, Anne Frank, Multatuli, Carmiggelt, Johny Jordaan, tante Leen, Spinoza, Eberhard van der Laan, André Hazes. Kort en goed, vooral mensen met verdiensten voor de schilder- en bouwkunst, de literatuur, het levenslied, de filosofie en het openbaar bestuur. Maar niemand zoals de Deen Tietgen met een substantiële betekenis voor het bedrijfsleven.

Hoe zit dat? Moeten wij in Nederland onze grote industriëlen en bankiers meer in de openbaarheid eren?

Paul Strijp, 7 juni 2024

 

Groeten uit Denemarken (3): Hoed u voor Privat!

 



Het duurt een paar dagen voordat je het ziet. De compartimenteringsdrang van de Denen. De neiging om hun bezit te markeren. Af te bakenen, te begrenzen. Met de aanduiding Privat. Dat woord zie je bijna even vaak als -pak en beet- ijssalon. Niks mis mee, toch? Zeker niet. Ware het niet dat deze drang soms gepaard gaat met tja, ..... hoe zullen we dat omschrijven?

Onze auto had ik geparkeerd op een terrein met die bewuste aanduiding. Alleen, die had ik over het hoofd gezien. Dat heb ik geweten. Als een grote Viking stond de eigenaar van dat terrein, een groot en trots heerschap, plots voor me. En gelastte mij om mijn voertuig subiet te verplaatsen. Het leek me verstandig om dat bevel uit te voeren, de Vikingen waren per slot van rekening geen lieverdjes.

Diezelfde dag nog passeerde ik tijdens de wandeling met de hond een camping. Privat, natuurlijk. Ik vroeg me af of het mogelijk was om als niet-campingbezoeker een kopje koffie te drinken op het terras. Koffie op een terras, dat is immers een schaars goed in Denemarken. De receptioniste van de camping trok wit weg. Sterker, zij was lijkbleek. Ik vroeg mij af of ik een zonde had begaan die nog ernstiger was dan die met de auto. Dat bleek het geval. De receptioniste gebood mij subiet de camping te verlaten. Honden waren immers verboden. Voor de tweede keer die dag droop ik af.

Wat is dat toch met onze Denen? Zij staan te boek als open, vriendelijke en gastvrije mensen. Maar bij het woord Privat kun je toch maar beter op je hoede zijn.

Paul Strijp, 7 juni 2024 

donderdag 6 juni 2024

Groeten uit Denemarken (2): Hoe 'alle ballen op het klimaat' ook nog eens het landschap spaart


Op reis door Denemarken valt het meteen op. Een open en weids landschap. Niet bepaald spectaculair of lieflijk, maar wel licht glooiend en rustgevend. En dat allemaal op een behoorlijk grote schaal. Ik vroeg me af: hoe houden de Denen dat rustgevende karakter toch in stand? Zeker in vergelijking tot ons eigen landschap dat behoorlijk onder druk staat. 




Drie keer zo weinig mensen

Dat ligt in de eerste plaats natuurlijk aan de lagere bevolkingsdichtheid bij de Denen. Op ongeveer hetzelfde oppervlak, zo’n dikke 40.000 vierkante kilometer, wonen bij ons drie keer zo veel mensen. Waardoor wij op een gemiddelde uitkomen van 522 inwoners per vierkante kilometer. Daarmee staat Nederland qua bevolkingsdichtheid op de eerste plaats in Europa. Dat zorgt ervoor dat het landschap in Denemarken -bij wijze van spreken- drie keer zo weinig wordt verstoord door ruimtevretende belangen zoals woningbouw en infrastructuur.

Een kleine kanttekening hierbij is dat we in Nederland in relatief lage dichtheden bouwen. In de naoorlogse uitbreidingswijken wonen wij, vergeleken met andere landen in Europa, dus zeker niet hutjemutje. We bevinden ons ergens in de middenmoot. En ook mogen we niet klagen over de hoeveelheid woonoppervlak per inwoner.


Weinig windmolens in het landschap

Terug naar dat landschap in Denemarken. We hebben natuurlijk niet alles gezien, maar toch vele honderden kilometers door het land gereisd. Wat mij opviel in vergelijking tot Nederland, is dat ik bijna nergens windmolens zag voor het opwekken van duurzame energie. Af en toe een plukje, met drie of vier molens. Maar nergens lange rijen.

Die schijnen er wel te zijn. Nabij het vliegveld van Kopenhagen en in de Oresund, het water tussen Kopenhagen en Zweden. Maar het ontbreken van windmolens in het landschap draagt zeker bij aan dat rustgevend gevoel. Geen zichtbaar ruimtebeslag, geen conflicterende belangen over geluid, slagschaduw, gezondheid of vragen of die molens wel in het landschap passen.


Wat doen de Denen anders?

Ik vroeg mij af: hoe kan dat, zo weinig windmolens? Wat doen de Denen anders? Welnu, dat is een heel verhaal. In 2014 werd Kopenhagen verkozen tot Groene hoofdstad van Europa. Alle ballen op het klimaat was toen al het motto. In 2050 wil het land volledig duurzaam zijn, Kopenhagen wil zelfs al in 2025 de eerste klimaatneutrale hoofdstad van de wereld zijn. Dat is toch allemaal niet niks. Waar hun kolenstook in 1990 nog 2,5 keer zo hoog was als die van Nederland, is die inmiddels lager. Ook is het land koploper in Europa voor de coöperatief georganiseerde warmtenetten.

Kort en goed: veel ambitie, die Denen. En al lang geleden begonnen.


Energie-eilanden

En hoe zit dat dan met die windenergie? Hoewel ik die molens dus niet of nauwelijks in het landschap zag, is het aandeel hernieuwbare energie sinds 1990 vervijfvoudigd. In 2021 werd de helft van de energie door wind opgewekt. Het is de bedoeling om deze opbrengst de komende tien jaar te verdriedubbelen. De Denen kiezen daarbij voor de aanleg van een aantal grote energie-eilanden, onder andere in de Noordzee. Dat is hun strategie. Financieel is dat nog niet allemaal rond, maar voor het landschap ziet dat er veelbelovend uit.

Hoe alle ballen op klimaat niet alleen bijdraagt aan duurzaamheid, maar ook nog eens het landschap spaart.


Paul Strijp, 6 juni 2024

Bronnen: Staatscommissie 'Demografische ontwikkelingen 2050' / Trotter reisgids voor Denemarken en Kopenhagen / EnergiePodium












zaterdag 1 juni 2024

Paul Lynch maakt het onvoorstelbare voorstelbaar in zijn boek Lied van de Profeet

 





Een doodgewoon middenklasse gezin in een West-Europees land dat heel geleidelijk in de nachtmerrie van een autoritair regime belandt. Waarmee de leden van datzelfde gezin vluchtelingen worden. Een roman met deze verhaallijn zal al snel in de categorie 'fictie' geplaatst worden. En daar hoort hij natuurlijk ook thuis. Maar 'Lied van de profeet' van Paul Lynch schuurt tegen de non-fictie aan. Immers, radicaal-rechts is onder ons in West-Europa, óók in Nederland. Waardoor het onvoorstelbare toch akelig voorstelbaar wordt. Ja, waarom niet?, zo vraag je je als lezer voortdurend af. Waarom zou dit in Nederland niet kunnen gebeuren?

De roman roept direct een kafkaiaanse atmosfeer op.
'Eilish loopt als vanzelf met de baby op haar arm naar de gang, doet de voordeur open en voor de afgesloten glazen portiek staan twee mannen, bijna gezichtsloos in het donker. (...) De mannen lijken het gevoel van de avond met zich mee te dragen. Vanuit haar eigen beschermende gevoel observeert ze hen, de jonge man links vraagt of haar man thuis is en hij kijkt haar op een speciale manier aan, met een afstandelijke maar onderzoekende blik alsof hij probeert iets binnen in haar te vangen. (...) Dat gevoel dat er iets het huis is binnengedrongen, ze wil de kleine neerleggen, ze wil even goed nadenken, zag dat het eerst bij de twee mannen stond en daarna op eigen kracht de gang in kwam, iets vormeloos maar toch voelbaar'. (pagina's 7-9)

En vanaf dat moment word je als lezer meegesleurd, meegezogen. Of je nu wilt of niet. Lynch grijpt je bij de strot en laat je meer dan 300 pagina's niet meer los. In een ritme en met een dynamiek die nauwelijks ruimte laat voor ademhalen. Het democratisch verval voltrekt zich in kleine stapjes. Maar elke stap is er één en ook nog eens onomkeerbaar. Met de ultieme nachtmerrie aan het einde.

Ik kom telkens uit bij de waardigheid van mensen die een betekenisvol leven zoeken in een wereld die niet om mensen geeft.’ Aldus Lynch in een interview met Thomas de Veen in NRC Handelsblad van 4 april 2024. Alleen fictie kan volgens de auteur de complexiteit van het mens-zijn tonen. De mensen van wie we houden, verankeren zich volgens hem in de levens die we leiden. Een tragisch en deterministisch gegeven. Dat zorgt ervoor dat de hoofdpersoon Eilish zich aan het einde verwijten maakt voor beslissingen die niet te vermijden waren.

Lees dat boek!

Paul Strijp, 1 juni 2024

Groeten uit Denemarken (1): Moeten we méér hygge-en?





Het geluk van de Denen. Dat is iets mythisch. Wat maakt dat zij zich zo happy voelen? En hoe verhoudt hun geluk zich tot het onze?

Een bezoek aan het Geluksmuseum in Kopenhagen in combinatie met een reisgids en wat andere lectuur, leert dat er drie factoren voor het Deense geluk zorgen.

Allereerst de Deense verzorgingsstaat. Die is niet verworden tot een uit de klauwen gegroeide overheids-moloch. Integendeel, in Denemarken functioneert die grosso modo naar tevredenheid. Het geheim? Het ruilmodel dat aan deze staatsvorm ten grondslag ligt. De overheid verstrekt de Denen gratis gezondheidszorg, studiebeurzen en kinderopvang. Ook de werkloosheidsuitkering is relatief hoog. Maar gratis is relatief. De tegenprestatie bestaat namelijk uit relatief hoge belastingen. En als werkloze word je nauw gevolgd door de staat. Met verplichte opleidingen, regelmatige gesprekken en financiële sancties als je een aangeboden baan weigert. Voor wat, hoort wat, zogezegd. Ruilen maakt gelukkig, zou je ook kunnen zeggen.




Dan de tweede factor die aan hun geluk bijdraagt, de hygge. Dat staat voor de kunst van het creëren van intimiteit. Ofwel de behaaglijkheid van de ziel. Wij zouden zeggen: het met elkaar gezellig maken. Hoe je dat kunt doen? Door aandacht te besteden aan verlichting, bijvoorbeeld met kaarsen. Door jezelf op ijs te trakteren en dan niet zo zuinigjes ook. Door 'wij' boven 'ik' te stellen en uren met vrienden te tafelen. Door in je huis comfort te creëren met zachte stoffen en design en door nog veel meer andere dingen van de Denen af te kijken.

Tot slot, de derde factor. Bedenk bij dit alles dat de Denen positief ingestelde mensen zijn. En dan ook graag sociaal wenselijke antwoorden geven. Bekennen dat je niet echt een gelukkig leven leidt, hoort daar niet bij. We kunnen dus niet uitsluiten dat die antwoorden een tikkeltje vertekend beeld schetsen.

So far, so good. Maar dan de hamvraag: hoe verhoudt het Deense geluk zich tot het onze? Zijn zij nu echt zo veel gelukkiger dan wij? Welnu, dat blijkt allemaal reuze mee te vallen.


(Bron: Happiness Museum, Kopenhagen)


In één van de twee rankings hierboven scoort Denemarken beter dan Nederland. Maar hoe moet je een verschil van 197 punten duiden? Is dat veel, is dat weinig? Hoe het ook zij, Nederland komt internationaal uitstekend voor de dag als geluksnatie.

Een interview met onze nationale geluksprofessor, Ruut Veenhoven, in de Volkskrant van vorig jaar leerde mij meer over de werking van de geluksmechanismen in ons land. Zie ook: https://overpeinzingenpaulstrijp.blogspot.com/2023/09/de-de-mythologisering-van-ons-eigen.html

De kernboodschap van Veenhoven om gelukkig te worden? Maak er wat van! Bekwaam u in de levenskunst. Maar hoe kan dat, zult u zich misschien afvragen, wij hebben toch niet zo'n geoliede verzorgingsstaat als de Denen? De Nederlandse overheid verzorgt ons toch niet van de wieg tot het graf? Dat mag zo zijn, maar volgens Veenhoven zijn een heleboel zaken in ons land wel goed voor mekaar. Hij noemt het pensioenstelsel, de gezondheidszorg, de omvang van onze psychosociale zorg, de kwaliteit van de ambtenaren en die van het publieke debat. Niet klagen dus en zelf aan de slag!

Mochten we die achterstand van 197 punten op de Denen willen dichten, moeten we dan niet gewoon met dat hygge aan de slag? Of is dat typisch Deens en dus niks voor ons?

 


Paul Strijp, 1 juni 2024

maandag 27 mei 2024

Liefde en eenvoud


Zelden een uitvaart bijgewoond waarin zich zo'n mooi en consistent beeld van de overledene ontvouwde. Een beeld gecreëerd door de verhalen van kinderen en kleinkinderen.


Beli


Deze vrouw was er altijd. Kon liefde geven en liefde ontvangen. Was actief in de kerk, fietste en zwom en hield van lezen, veel lezen. Had verder geen grootse en meeslepende bezigheden. Maar zij was er gewoon. Ook toen ze ouder werd en het leven haar niet spaarde. Altijd dankbaar en tevreden, voor en over de eenvoudige, kleine dingen in het leven. Zoals de zon die door de wolken scheen.

Liefde en eenvoud. Wie zou niet zo herdacht willen worden?


Paul Strijp, 27 mei 2024