Translate

zaterdag 26 maart 2016

De Duitsers wrijven het Johan nog één keer in



Neen, dat mocht niet vertoond worden. Bij alle beelden waarop we de afgelopen dagen likkebaardend getrakteerd werden naar aanleiding van het overlijden van Johan Cruijff, ontbrak categorisch zijn
afscheidswedstrijd. De wedstrijd die hij op 7 november 1978 met Ajax speelde tegen Bayern München. Dat werd niet alleen een persoonlijk trauma, maar ook een diepe wond in ons collectieve nationale geheugen. De Duitsers hadden er destijds zin in en wisten niet van ophouden. Ajax werd met 0-8 vernederd in een wedstrijd die het feestje van Cruijff had moeten worden. Jaren later bood Bayern excuses aan. Bekijk onderstaand filmpje en huiver nogmaals.

https://www.youtube.com/watch?v=QF549_caJbk


Je zou denken dat ze ervan geleerd hebben. Niets is minder waar. Bij de internationale berichtgeving over zijn overlijden trakteerden de Duitsers ons op een ander trauma van Cruijff en een nog veel diepere wond van ons allemaal: het winnende doelpunt van Gerd Müller in de finale van het WK Voetbal 1974.


http://nos.nl/artikel/2095060-overlijden-cruijff-gaat-de-hele-wereld-over.html


Persoonlijk koester ik veel sympathie voor onze oosterburen. Maar deze beelden bij de berichtgeving over zijn overlijden getuigen niet van veel kiesheid.


Duitsers zijn Duitsers, zei Cruijff zelf.


Paul Strijp, 26 maart 2016

zaterdag 5 maart 2016

David Bowie, baken van zelfvertrouwen



Die ene foto. Niet onderstaande foto, maar die foto van David Bowie op 16-jarige leeftijd. Te zien op de aan hem gewijde tentoonstelling in het Groninger Museum. Een foto die niet gefotografeerd mocht worden. Maar een foto die één ding duidelijk maakte: deze man beschikte als puber reeds over zelfvertrouwen. De blik waarmee hij in de lens van de camera keek. Hier zat een jongen die klaar was voor het leven. Een jongen die over voldoende basis beschikte om zijn artistieke kwaliteiten tot uitdrukking te gaan brengen. Een basis voor zijn autonomie en zijn eigenzinnigheid.







De drie omschrijvingen die mij het meest troffen.




David Bowie, pionier in het bedenken van identiteiten


David Bowie, astronaut van de innerlijke ruimte


"Ik moet totale controle houden over alles. Ik kan eenvoudigweg niet iemand anders iets laten doen, omdat ik gemerkt heb dat ikzelf het best mijn eigen ideeën en ontwerpen kan vormgeven"




Het kostte mij moeite om het museum te verlaten.




Paul Strijp, 5 maart 2016

(bron: foto genomen in Groninger Museum)

donderdag 3 maart 2016

De gezamenlijke en zelfverkozen dood







Romantischer kan toch bijna niet? Twee geliefden die gezamenlijk hun moment van overlijden kiezen, hand in hand sterven en hun nabestaanden daar ontspannen mee naar buiten laten treden. Een sprookje, zou je zeggen. Na alle commotie en maatschappelijke onrust die de laatste weken ontstond rondom een documentaire over de levenseindekliniek (www.levenseindekliniek.nl) zou je denken dat dit in Nederland onmogelijk is. Niets is minder waar. Een doodgewoon overlijdensbericht in de Volkskrant.


Hoe zouden Hendrik en Hugorina dat gedaan hebben? Zelf pillen genomen? Of stiekem toch een bevriende huisarts de dood laten begeleiden? Zou de rest van de familie erbij zijn geweest? En misschien wel de belangrijkste vraag: vindt er alsnog een justitieel onderzoek plaats?


Het is jammer dat Hendrik en Hugorina geen opdracht hebben gegeven om hun einde te verfilmen. Dat had de maatschappelijke discussie over euthanasie en de vroegtijdige dood weer een impuls kunnen geven.


Paul Strijp, 3 maart 2016





















zaterdag 27 februari 2016

Als over vijf miljard jaar de zon ermee ophoudt




Het ontstaan van onze aarde is een groot mysterie. Schiep God de aarde in zeven dagen of ontstond deze door een Big Bang? Minstens zo mysterieus wordt het einde van onze planeet. Onlangs hoorde ik een verhaal van Vincent Icke, hoogleraar theoretische sterrenkunde. Die stelde dat het leven op aarde over vijf miljard jaar ten einde komt. Dan houdt de zon er namelijk mee op. Die is tegen die tijd uitgestraald, heeft het helemaal gehad, heeft er kortom gewoon geen zin meer in. Zo eenvoudig is het dan ook wel weer een keer.


En toch vraag ik mij af: hoe zal dat dan gaan? Staat dan op onze kalender: woensdag einde aarde? En houdt onze minister-president op dinsdagavond dan nog een toespraak voor het volk? Neem je als collega's op dinsdagmiddag nog afscheid van elkaar met een borreltje? Krijgen we nog iets van God te horen?


Gelukkig hebben we nog even.




Paul Strijp, 27 februari 2016

woensdag 24 februari 2016

Ik mis de bureaucratie bij de Nederlandse Spoorwegen!




De schrik slaat je om het hart. Een bureaucratische nachtmerrie dient zich aan. Vergeten uit te checken bij de Nederlandse Spoorwegen. Het overkwam mij een tijdje geleden. Bij station Eindhoven. Gewoon vergeten, gewoon niet aan gedacht. Toen ik mij van deze omissie bewust werd, een dag later, bereidde ik mij mentaal voor op een middagje van-het-kastje-naar-de-muur, op lange wachttijden, op fikse boetes en nog veel erger.

Dat werd het allemaal niet. De mijnheer van de NS die mij te woord stond, wist mij te melden dat er reeds 10 euro van mijn rekening was afgeschreven. "En wat komt daar nog allemaal bij?", zo vroeg ik hem. Op voorhand geïrriteerd. Helemaal niets, zo liet die mijnheer mij allervriendelijkst weten. "Kan ik verder nog iets voor u doen?". Ik stond met mijn mond vol tanden. Dat kon toch onmogelijk de bedoeling zijn?


Afbeeldingsresultaat voor bureaucratie



Het kwam er dus op neer dat mij slechts de boete in rekening was gebracht en niet de werkelijke reiskosten, die beduidend hoger waren. Ik bespeurde een zekere teleurstelling bij mezelf. Stiekem had ik me erop verheugd heerlijk te kunnen afgeven op de bureaucratie van de Nederlandse Spoorwegen. Maar die bureaucratie, die was er niet. Waar moest ik met mijn cynisme heen? Wat moest ik met mijn vrije middag? De moderne mens kan kennelijk niet meer zonder gemopper op de nadelen van onze moderne technologie.


Ik schrik er zelf van.




Paul Strijp, 24 februari 2016

zaterdag 13 februari 2016

Als jij iets krijgt en ik niet





De mens is van nature een hartstikke jaloers wezen. Als de ander iets extra's krijgt wat ik niet ontvang, dan is de wereld te klein.


Op een verjaardagsfeestje sprak ik ooit met een medewerkster van het Reumafonds. Zij vertelde mij dat die organisatie het plan had opgevat om haar vrijwilligers, de collectanten, in het zonnetje te zetten. Daartoe had het fonds een groot aantal kaarten gekocht voor een show van Joop van den Ende. Er was één maar: het totaal aantal vrijwilligers was groter dan het aantal kaarten. En dus koos het fonds voor het principe: wie het eerst maalt, wie het eerst haalt.


Op maandagochtend om negen uur werd een website opengesteld voor de bestelling van gratis kaarten. Om vijf over negen crashte de site. En wat iedereen natuurlijk levensgroot had zien aankomen: een groot aantal vrijwilligers wist géén kaart te bemachtigen. Dat waren vooral de ouderen die al meer dan veertig jaar door weer en wind langs de deuren liepen met hun collectebus. Het fonds ontving een groot aantal opzeggingen van woedende vrijwilligers. Waarom die ander wel een beloning en ik niet?


Het onderstaande filmpje van de wereldberoemde apenbioloog Frans de Waal moet u beslist even bekijken. Wat blijkt? Dergelijke gevoelens van jaloezie zijn diep ingebakken. Bij ons allemaal.

Schaam u dus niet. Als u die gevoelens óók heeft, is dat een blijk van een normale biologische aanleg. Ik heb er zelf ook last van.


https://www.youtube.com/watch?v=meiU6TxysCg


Maar schaam me er overigens wel voor.




Paul Strijp, 13 februari 2016

zaterdag 6 februari 2016

Ervaringen met een vluchteling (2): bewondering voor de leraar Nederlands




Daar stond ik dan. Op bezoek bij een Syrische vluchteling met zijn twee kinderen. Klassieke vluchtgeschiedenis: barre tocht door de woestijn en vervolgens met een bootje de Middellandse Zee over. Zeven maanden later al in het bezit van een verblijfsvergunning. In onze termen een èchte vluchteling: een man die bij terugkeer naar zijn land van herkomst te vrezen heeft voor zijn leven.

Vol optimisme had ik mij aangemeld om hem en zijn kinderen wat extra taallessen Nederlands te geven. Het aap, noot, mies, dat ging nog wel. Maar vroeg of laat beland je natuurlijk bij de wat ingewikkelder constructies. De overtreffende trap, voltooid deelwoord, dat werk.


Slim - slimmer, doceerde ik vol overtuiging. Nou, dat pikten deze nieuwkomers snel op. Rijk - rijkker kreeg ik prompt terug. De moed zakte mij in de schoenen. Hoe kun je mensen die alleen het aap, noot, mies beheersen deze grammaticale regels bijbrengen? Die vraag spookte ook door mijn hoofd toen ik had uitgelegd dat de voltooide tijd van werkwoorden waarvan de stam op een van de letters K, F, S, CH of P eindigt, altijd met een T geschreven wordt. Appeltje, eitje toch? Gewoon het kofschip uit onze jeugd. Ook dat pikten zij snel op. Vol trots schreven zij op: gelacht. Verwachtingsvol keken zij mij aan. Het enige wat zij zagen was een ietwat onzekere docent die nerveus met zijn papieren begon te schuiven.

Wat is onze taal toch moeilijk. En wat heb ik een respect voor onze professionele leraren Nederlands.


Paul Strijp, 6 februari 2016